Samenvatting De Berengroepen

Dit is een samenvatting gemaakt rond het eerste deel (Theorie van het berenprogramma) van het boek "De berengroepen" van Gerrit Loots, Erik Verliefde, An Boogemans, Johan Dever, Veronique Vansteenkiste en Florence Lebbe, om de powerpoint te zien klik hier

Inhoudstabel:

  1. Inleiding: Een Berensprookje
  2. De berengroepen: structuur en verloop
    1. Psychomotorische Groepsessies:
      • Onthaal en Planning
      • Relaxatie
      • Denkspel
      • Relatie -en Groepsspel
      • Afsluitend Moment
    2. Oudercontacten

1. Inleiding: Een Berensprookje

De inleiding van dit eerste deel van het boek is eigenlijk gewoon een verhaaltje die gaat over een berenfamilie. Tussen de regels van dit simpele verhaaltje ligt echter een boodschap verborgen. Het gaat over de twee kinderen van de berenfamilie bruin, deze twee kinderen gaan echter allebei niet graag naar school en leren ook niet graag. Dit is eigenlijk waar het berenprogramma rond draait, kinderen helpen om te leren leren. Dit helpen gebeurt op een speelse manier die in het boek verder uitgelegd wordt.

2. De berengroepen; structuur en verloop

  • De berengroepen starten met het voorlezen van het sprookje (punt 1) aan hun kinderen
  • Doel: kinderen uit de lagere school helpen leren leren
  • Zelfstandig werken en studeren van de kinderen bevorderen door middel van beweging
  • 12 psychomotorische groepssessies
  • 4 info -en gespreksavonden uitsluitend voor ouders
  • 4 tot 6 kinderen met elk 1 ouder per groepssessie

2.1. Psychomotorische groepssessies

  • Duren telkens anderhalf uur
  • Volgen altijd dezelfde structuur
  • Opbouw groepssessie:

1. Onthaal en planning (5 min)
2. Relaxatie (15 min)
3. Denkspel (45 min)
4. Relatie- en groepsspelletjes (20 min)
5. Afsluitend moment (5 min)

2.1.1. Onthaal en planning

  1. Jassen, schriften en materiaal aan de kant leggen
  2. Schoenen en kousen uitdoen
  3. Ouders gaan midden in het lokaal in een kring zitten op de grond
  4. Kinderen gaan in de schoot van hun ouders zitten
  5. Structuur van de les wordt overlopen
  6. Indien nodig worden concrete afspraken gemaakt bv: luisterhouding (1)
  7. Op voorhand wordt afgesproken met de kinderen dat storend gedrag niet geduld zal worden
  8. Als er storend gedrag vertoond wordt zal het kind een aanmaning krijgen, indien het kind deze aanmaning negeert zal het een tijdelijke uitsluiting (2) ondergaan.

1. Bij de luisterhouding gaan de kinderen rechtop zitten met hun armen gekruist op de borst, hun benen gestrekt en hun voeten gekruist. Deze houding moet aangenomen worden iedere keer de begeleider uitleg geeft.

2. Bij tijdelijke uitsluiting dient het kind die stoorde naar buiten te gaan met zijn ouder om daar aan zijn/haar ouder uit te leggen waarom het een tijdelijke uitsluiting kreeg en wat het gaat doen om dit in de toekomst te vermijden.

2.1.2. Relaxatie

  • Dient als voorbereiding op het denkspel
  • Doel: kinderen tot rust laten komen
  • Brengt de kinderen terug in het hier en nu om zich beter te concentreren op wat ze gaan leren
  • Relaxatie oefeningen komen uit verschillende programma's
  • Ze zijn zodanig opgebouwd dat de kinderen zich zelf leren ontspannen
  • Start met dynamische lichaamsoefeningen om het kind zich te laten gewaarworden en ervaren van het eigen lichaam
  • Lichaamsoefeningen evolueren naar het statisch ervaren van het lichaam en de verschillende lichaamsdelen.
  • Gebruik van verschillende materialen en fantasiespelletjes
  • Relaxatie oefeningen: spannen en ontspannen van de spieren en spiergroepen
  • kinderen concentreren zich hierdoor meer op het lichaam

2.1.3. Denkspel

  • Belangrijkste moment van de groepssessie
  • De kinderen denkregels aanreiken: 1 regel per sessie
  • Tijdens het spel ervaren de kinderen het belang van de nieuwe denkregel
  • Aanmoedigging om actief mee te denken
  • Vorige regels worden tijdens het spel getoetst op hun bruikbaarheid
  • Het spel wordt afgerond met een brugmoment (1)

1. De kinderen zoeken waar ze de nieuwe denkregel kunnen gebruiken. De transfer wordt gemaakt naar de dagelijkse realiteit van het kind. Tijdens het brugmoment krijgen de kinderen de nieuwe denkregel op een gekleurd kaartje. Deze wordt dan opgeborgen in een denkdoos, doorheen de week zoeken de kinderen dan situaties waar ze deze denkregel kunnen op toepassen. Dit gebeurt aan de hand van brugblaadjes die op het eind van elke sessie worden meegegeven.

2.1.4. Relatie -en groepsspel

  • Gebaseerd op bewegingsopvoeding & gestructureerde speltherapie in groep
  • Schept een plezierig moment tussen ouders en kinderen met bewegingservaringen waarin ze afwisselend voor mekaar zorgen.
  • Relationele en Sociaal-emotionele doelen doorheen de 12 sessies
  • Evolutie naar groepsspelen waarin de kinderen samenwerken om een gezamenlijk groepsdoel te bereiken

2.1.5. Afsluitend moment

Sessie eindigt met het overlopen van de structuur (wat hebben ze deze sessie gedaan)
Daarna doen de kinderen hun schoenen, kousen en jas aan en krijgen ze hun brugblad met de aanmoediging om hun nieuwe denkregel zo veel mogelijk te gebruiken.

2.2. Oudercontacten

  • Op informatie avonden voor de ouders worden naast de berenstappen en de denkregels ook de aanpak en huiswerkbegeleiding van de kinderen uitgelegd
  • De ouders krijgen ook regels aangereikt
  • Deze regels dienen om de kinderen te stimuleren tot zelfstandig leren
  • Elke informatieavond worden enkele instrumenten aangebracht en uitgelegd
  • Deze instrumenten worden de volgende maand door de ouders gebruikt
  • Het volgende oudercontact bespreken de ouders hun ervaringen met deze instrumenten

Bibliografie

Loots, G., Verliefde, E., Boogemans, A., Dever, J., Vansteenkiste, V., & Lebbe, F., De berengroepen, vierde druk, acco, Leuven, 2008

Unless otherwise stated, the content of this page is licensed under Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 License